Moeder Nalan: “Naar school fietsen en erna thuis de werkdag starten is een ideaal begin van de dag”

Hun dagen beginnen vroeg en altijd op de fiets

26 november 2025

In Maastricht Céramique woont Nalan met haar man en hun twee dochters : Helena (5) en Adriana (9 maanden). Ze werkt als universitair hoofddocent economie aan de Universiteit Maastricht. Haar man geeft daar ook les. Hun dagen beginnen vroeg en altijd op de fiets. Sterker nog: ze hebben niet eens een auto.

Elke ochtend gaat een van beide ouders met de kinderen op pad. De oudste gaat naar de basisschool, en zit in het stoeltje achterop de fiets. De jongste  zit in het kinderzitje voorop, op weg naar het kinderdagverblijf. Dat werkt goed. Je moet ze rustig in de stoeltjes zetten, en eruit halen. De standaard van de fiets is stevig maar toch: ik leun altijd de juiste kant op, om de fiets op te kunnen vangen als hij om zou vallen.  

Wie van de ouders het vroegst lesgeeft, bepaalt wie die kinderen brengt naar school en kinderdagverblijf. Degene die het eerst begint, hoeft níet op pad met de kleintjes. De ander wel. Het is goed verdeeld. Soms werkt Nalan na het wegbrengen vanuit huis, op andere dagen fietst ze in één keer door naar de universiteit. 

Werken tussen huis en campus 

Thuiswerken is voor Nalan een vanzelfsprekend onderdeel van de week. Vaak werkt ze het grootste tijdsblok van de dag op het kantoor van de universiteit. Ervoor en erna werkt ze thuis. De universiteit denkt daarin goed mee. Dat is fijn, want zo heeft Nalan de mogelijkheid om haar kinderen naar school te brengen met de fiets. Dat vindt ze waardevol voor de toekomst: “Door nu met mijn kinderen naar school te fietsen, hoop ik dat ze dit in hun latere leven zelf ook doen.”  

Ik houd van mijn fiets! 

De fiets is Nalans vaste vervoermiddel. Het is een stevige stadsfiets met twee kinderstoeltjes.   

“Samen wegen de kinderen inmiddels dertig kilo”, vertelt Nalan lachend. Dat vindt ze niet erg. Ze ziet het fietsen mét belasting en zonder elektrische ondersteuning als een sportmomentje. “Soms lukt het niet om naar de sportschool te gaan, in drukke weken. Dan heb ik gelukkig toch wat beweging gehad,’’ legt ze uit.  

Vlak na haar bevalling fietste Nalan enkel korte stukjes, later pakte ze de langere ritten op. Ze merkte dat het haar goed deed om buiten te zijn, zelfs als het regende. Alleen toen de baby nog erg klein was, nam ze de bus. ”Soms wil de oudste, Helena, dat we met de bus gaan als het regent, maar ik kies liever voor de fiets. Ik ga niet overstag! Oké, alleen als het wel héél hard waait…”

Geen auto 

Het leven zonder auto is voor deze familie vanzelfsprekend. Voor langere reizen huren ze er af en toe een, maar binnen de stad verplaatsen ze zich met de fiets of het openbaar vervoer. Nalan: “Het is vooral leuk om samen te fietsen. De kinderen praten, kijken om zich heen en leren spelenderwijs hoe het verkeer werkt. Soms vraagt de oudste waarom anderen de regels niet volgen!” 

Evenwicht tussen werk, gezin en beweging 

Als de werkdag voorbij is, is Nalan blij dat ze even weg mag van haar beeldscherm. Na een fietstocht naar school en kinderdagverblijf voelt ze zich opgefrist. Ze knikt: “Ik ben dan meer opgeladen dan wanneer ik met de bus of auto reis.” Op dagen zonder fietstocht mist ze het. Dan stapt ze toch nog even op haar tweewieler voor een kort rondje. “Dan bedenk ik zelf wel een doel: de brievenbus, een winkel of de supermarkt.. Als mijn doel bereikt is, keer ik om en ga ik voldaan naar huis.” 

Helena oefent inmiddels ook met zelf fietsen. “Mijn man houdt Helena vast bij het oefenen en rent mee, tot ze haar balans vindt.  

Een bewuste manier van leven 

Nalan hoopt dat meer ouders de voordelen van fietsen omarmen. Op kleine schaal probeert ze anderen te inspireren. “Omdat ik alles met de fiets doe, passen vrienden zich soms aan. Zij gaan dan ook met de fiets, zodat we samen kunnen reizen. Ze vinden het verrassend leuk. 

Nalan denkt even na en zegt dan nog: “Je zit misschien maar een klein deel van de dag op de fiets, maar ’s ochtends en ’s middags fietsen zorgt ervoor dat je de dag goed aankunt.”